pvp
Home Organisatie Cijfers Contact Medewerkers

Stichting PVP, vertrouwenspersonen in de zorg

 

Cliëntenrechten

De PVP-krant zet in ieder nummer interessante rechtspraak, klachtzaken en andere juridische ontwikkelingen in de psychiatrie op een rij.

Voorjaar 2009


Rubriek: (on)gegrond 

(On)gegrond bespreekt zaken die voor de klachtencommissie van een ggz-instelling zijn geweest. De klachtencommissie onderzoekt de zaak en verklaart de klacht gegrond of ongegrond. Welke redenering volgt de commissie om tot haar oordeel te komen? Deze keer: Hulpverlener mag niet zomaar conclusies trekken

Bellen met de pvp

Ook wanneer een cliënt gedwongen is opgenomen heeft hij recht op vrij telefoonverkeer. Toch zijn er situaties waarbij de behandelaar die vrijheid kan inperken.
Als de behandelaar vreest dat telefoneren kan leiden tot ernstige nadelige gevolgen voor de gezondheid van een cliënt, kan hij die cliënt verbieden gebruik te maken van de telefoon. Ook om verstoring van de orde in de instelling te voorkomen of ter voorkoming van strafbare feiten kan de behandelaar een telefoonverbod opleggen. Maar hij kan een cliënt niet verbieden contact op te nemen met de pvp, zijn advocaat en de (hoofd)inspecteur volksgezondheid.
Een cliënt klaagt bij de klachtencommissie dat hij de pvp niet mocht bellen. De afdeling erkent dat de cliënt de pvp wilde bellen en erkent ook dat hij niet de mogelijkheid heeft gehad dat te doen. Men dacht dat het probleem waarvoor de cliënt contact op wilde nemen opgelost was in een gesprek met de behandelaar. Cliënt was na dat gesprek toch tevreden, dus waarom nog de pvp bellen?
In haar uitspraak schrijft de klachtencommissie: ‘Hoewel de commissie zich deze gevolgtrekking wel kan voorstellen, is het niet aan de hulpverlener deze conclusie te trekken.’ Zij verklaar de klacht gegrond.

Medicatie helpt niet

Al een aantal jaren gebruikt cliënt medicatie die er voor moet zorgen dat hij geen stemmen meer hoort.
Volgens cliënt helpt die medicatie niet. Hij gaat er vanuit dat de medicatie averechts werkt. Hij heeft zelfs het idee dat de medicatie eerder de oorzaak is van het horen van stemmen. Omdat hij de verstandhouding met zijn behandelaar goed wil houden, slikt hij toch gedurende langere tijd de voorgeschreven medicatie. Liever zou hij ze niet slikken.
Cliënt vindt dat hij al enige tijd goed in staat is weerstand te bieden aan de stemmen. Als hij ze hoort en daarbij angstig wordt, meldt hij dat aan de verpleging en trekt zich daarna terug op zijn kamer. Zijn aversie tegen het medicatiegebruik wordt op een gegeven moment zo groot werd dat hij over de angst voor aantasting van zijn relatie met zijn behandelaar heen stapt en besluit de voorgeschreven medicatie te weigeren. Vervolgens besluit de behandelaar onder dwang te behandeling voort te zetten. Hij vindt dat voldaan is aan het criterium voor het toepassen van dwangbehandeling zoals dat staat omschreven in artikel 38 lid c van de W et Bopz. Dat artikel bepaalt dat een cliënt onder dwang behandeld kan worden voor zover dat volstrekt noodzakelijk is om het gevaar af te wenden dat de stoornis van de geestvermogens van betrokkene binnen de instelling doet veroorzaken.
Cliënt dient over het besluit hem onder dwang te behandelen een klacht in bij de klachtencommissie. De klachtencommissie concludeert dat het vaststaat dat cliënt gedurende langere tijd niet daadwerkelijk agressief is geweest. De commissie vindt om die reden dat de behandelaar onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat cliënt binnen de instelling een gevaar veroorzaakt. Voordat overgegaan kan worden tot dwangbehandeling dient een behandelaar te onderzoeken of het gevaar op een andere manier is af te wenden dan door een behandeling onder dwang. De klachtencommissie concludeert dat de behandelaar niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij zo’n onderzoek heeft verricht. Wel bevestigt de behandelaar dat cliënt op een goede manier met zijn stemmen en de daarbij behorende angsten omgaat.
Hoewel de commissie erkent dat cliënt medicatie gebruikt en dat een oorzaak zou kunnen zijn voor de goede wijze waarop cliënt met het horen van stemmen omgaat, acht zij in het kader van de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit van belang dat de behandelaar moet kijken of een ander beleid mogelijk is. Zij verklaart de klacht gegrond.

AdM